|
|
 |
Wanneer ik op dit moment een spel voor een gezellig avondje mocht
uitzoeken dan werd het "1830" voor een lange avond en
''Brittania" voor een gewone avond. Brittania is weer zo'n
prachtig Avalon
Hill spel, dat voor zover het dat nog niet is een regelrechte
klassieker zal worden.
|
Tijdens de tweede wereldoorlog hielden de Britten het moreel o.a. hoog
met de constatering dat er sinds 1066 geen enkele invasie in Engeland
succesvol is geweest.
Echter hierbij gingen die eigenwijze edoch wellicht juist daarom ook wel
sympathieke Britten er wel aan voorbij dat voor 1066 zelfs de meest obscure
achterbuurtvolkjes van Noord-West Europa succesvolle invasies in Brittania
hebben gedaan. De spelletjesfreak Lewis E. Pulsipher ging daar niet aan
voorbij en zal aan zijn bankrekening zien dat hij niet de enige is die
daar blij om is.
| In Britannia, "Game of the birth of Britain'', wordt die hele
geschiedenis vanaf de Romeinse invasie tot en met Willem de Veroveraar
in 1066 nagespeeld. Dat "naspelen'' is in dit geval het sleutelwoord.
Iedereen heeft een aantal invasierende volken onder zijn hoede en
probeert daarmee de historie zo goed mogelijk te benaderen en soms
zelfs te overtreffen. Naarmate je de historie dichter benadert krijg
je meer punten en zoals je wel aan zult voelen wint de persoon met
de meeste punten. De Romeinen bijvoorbeeld veroverden heel Engeland
tot aan de grenzen met Schotland en Wales. Wanneer de speler die de
Romeinen heeft, dat maar gedeeltelijk lukt, dan gaat het op dat moment
slecht met hem, ook al lijkt het optisch (hij beheerst het halve bord)
goed met hem te gaan. Lukt het hem om niet alleen Engeland, maar ook
nog stukken van Schotland en Wales te veroveren. dan gaat het wel
erg goed met hem. Echter de punten die je voor die extra stukken verdient
zijn '' peanuts'' in vergelijking met de verovering van Engeland.
Belangrijker is het dat dan de anderen punten mislopen. |
|
Overigens in het algemeen begin ik altijd al heel snel verschrikkelijk
te balen van die Romeinen als ik ze zelf niet speel. Dat gaat daar maar
tekeer over dat hele bord, terwijl mijn eigen veel sympathiekere volkjes
zwaar onder druk komen te staan, zo niet uitgemoord/overwonnen worden
door die rot-Romeinen (Stel je voor: Peter Mulder, die met zo'n brede
grijns al jouw volkjes zit uit te moorden). Meestal als de Romeinen teruggeroepen
worden om de Rijngrens te verdedigen en vervangen worden door ''Romano-British"-e
(zelfde speler) eenheden (King Arthur!!) ontstaat er een enorme klopjacht
op die eenheden, die aangeeft dat de anderen er net zo van zaten te balen.
De Romano-British leveren meestal niet zoveel punten op.
Een ander prachtig voorbeeld zijn de Briganten, een klein maar fijn volkje,
dat er al vanaf het begin opstaat. Deze Briganten zijn er in geslaagd
de Romeinse invasie te overleven en nog zes eeuwen (!!) daarna in een
koninkrijkje in Strathclyde (linksonder in Schotland) te handhaven alvorens
ze in het grote geheel opgingen. Je snapt dat dit kruimelvolkje toch nog
heel aardig scoort als het jou met de Briganten ook lukt om je een tijdje
in Strathclyde te handhaven.
Ook erg spectaculair zijn de Welsh rond de achtste en negende beurt (1
beurt = 75 Jaar) Verder zijn de Welsh erg saai. Het is een van de weinige
volken die de hele tijd op het bord staan. Ze krijgen vooral punten voor
het bezit van Wales, wat vrij makkelijk lukt als ze niet zoveel last hebben
van de Romeinen, terwijl ze voor gebieden buiten Wales nauwelijks punten
krijgen en zich daar bovendien nauwelijks kunnen handhaven. Echter rond
600-700 zijn er Welsh gesignaleerd in de buurt van York aan de oostkust
van Engeland. Dat is erg leuk, want als de Welsh het in deze periode lukt
om inderdaad tijdelijk York te bezetten dan krijgen ze daar natuurlijk
een smak punten voor. Meestal zit je al vanaf de Romeinen deze invasie
voor te bereiden. Bovendien, wat doen de anderen? Zoeken ze een veilig
heenkomen ''elsewhere'' of gaan ze etteren, in de weg lopen en alsnog
afgeslacht worden door kamikaze-benden uit Wales? En wat laat je achter,
na York is alleen Wales weer interessant en levert in totaal veel meer
op dan een geslaagde York-expeditie.

Het vechten gaat met dobbelstenen. Bij een gevecht van 2 tegen 3 gooien
beide spelers simultaan met een aantal dobbelstenen overeenkomstig het
aantal eenheden. Een "5" of een "6" vernietigt een
vijandelijke eenheid. Na 1 keer gooien mogen beide spelers zich terugtrekken,
als dat mogelijk is. Romeinse legers vechten efficiënter dan hun
barbaarse tijdgenoten, terwijl het aanvallen van andere volken die zich
in de bergen teruggetrokken hebben moeizamer gaat.
In principe heb ik verschrikkelijk de pest aan dobbelstenen in een "strategisch"
spel. Hier zou ik het niet anders willen. Doordat geluk een factor wordt
gaat het prestatie-element er wat mij betreft uit en wordt het pretklassement
(het winnen van een spel telt voor dat klassement natuurlijk wel mee)
het belangrijkste. En in dit pretklassement worden in vergelijking met
andere spelletjes hoge klasseringen gehaald, ook door de ''verliezers''.
De toestand is nu iedere beurt zo totaal verschillend van de laatste beurt,
laat staan verschillend van dezelfde beurt in het vorige spelletje, dat
je interesse niet kan verslappen. Buiten dat heb je gedurende het hele
spel wel wat te doen, terwijl er voor iedereen, ook de verliezers, momenten
zijn waarop men het totale gebeuren in zijn greep heeft. Dan komt er weer
zo'n ''Major Invasion'' van Deense Vikingen, Noormannen, Normandiers,
Saxen. Angelen o.i.d.
Wat ik bijzonder fascinerend vind, is dat iedereen op bepaalde momenten
meerdere volken op het bord heeft, maar dat die elkaar slechts zeer zijdelings
kunnen helpen. En zelfs dat gaat vaak ten koste van het helpende volk.
Bijvoorbeeld, tijdens de Deense invasie moet je proberen om met Canute,
toen al koning van Denemarken, Noorwegen en een groot gedeelte van Zweden,
koning van Engeland te worden. Daarvoor heeft hij tweemaal zoveel provincies
als iedere afzonderlijke andere natie van dat moment nodig. De Welsh van
dezelfde speler kunnen op dat moment wat invallen in Engeland doen en
het te behalen aantal provincies wat beïnvloeden. Echter, als ze
dat doen dan verzwakken ze hun positie zodanig dat ze grote problemen
met bijvoorbeeld Ierse invasies kunnen krijgen. Bovendien kunnen de Welsh
hun kruit beter even droog houden en de Normandische invasie afwachten.

Brittania speel je het liefst met zijn vieren, omdat iedere speler dan
zijn eigen kleur countertjes (stukjes karton, die jouw volksstammen representeren)
heeft. Verder heb ik van horen zeggen dat het spel zo beter in evenwicht
is dan met 3 of 5. Er is een stroming onder de spelers, die overwegen
om het spel ietwat aan te passen voor ervaren spelers. Nadat je het een
aantal keren heb gespeeld. krijg je een aardig idee wat de verschillende
volken waard zijn en welke invloed ze op elkaar hebben. Bovendien houden
we statistieken bij over het aantal punten per volk.
Bij deze methode gaat men nu bieden op de volken. Men heeft een aantal
Victory Points tot zijn beschikk ing, bijvoorbeeld 110 of 100 en mag die
verdelen over de volken. Zo van "ik denk 45 punten met de Romeinen
te halen". Wanneer niemand meer dan 45 met de Romeinen denkt te halen
dan je dat volk voor de bieder van 45. Het aantal punten dat je meer haalt
dan je boden min het aantal punten dat je er onder zit is dan je eindscore.
Natuurlijk is dit een leuk idee. Of het ook een goed idee is, kan alleen
proefondervindelijk worden aangetoond. Welke combinaties van volken rollen
er uit de bus? Welke biedmethode wordt er gevolgd? Wat denk je bijvoorbeeld
van het per opbod verdelen van de volken? Hoe wordt het pretklassement
beinvloed: je hebt grote kans dat je nu bepaalde periodes buiten spel
staat. Het proberen waard lijkt me.
In het spel zit ook iets van bevolkingslimieten en aanwas. Iedere provincie
kan maar een bepaald aantal eenheden herbergen. In 1 provincie per volk
mag je daar een uitzondering voor maken (een legermacht dus), maar het
gehele volk moet wel voldoende provincies bezitten om de legermacht te
kunnen voeden. In de bergen is dat allemaal wat moeilijker. Per provincie
per 75 jaar krijg je een aanwaspunt, per bergprovincie een halve. Met
3 aanwaspunten krijg je er een nieuwe stam bij.
Het aantal countertjes van een bepaald volk is bij de aanwas een beperkende
factor. De Caledonians bijvoorbeeld hebben maar 6 countertjes tot hun
beschikking. Ze kunnen dus hooguit 6 provincies bezitten. Zojuist verlaten
provincies behoren niemand toe. Grofweg is het aantal counters van een
bepaald volk een maat voor de stootkracht van een volk. De Angelen en
de Saksen zijn dan ook erg sterk. Over het te behalen puntenaantal zegt
het niets.
Buiten de natuurlijke aanwas zijn er de invasiemachten die gewoon op
het juiste moment met een vast aantal aan de rand van het bord (op zee)
verschijnen. Sommige volken sturen eerst raiders, die alleen invallen
doen en dan weer verdwijnen, alvorens de echte klapper komt. Hilde is
laatst in het scheepvaartmuseum in Rotterdam geweest en daar draaide een
computerprogramma, waarbij je in de huid van Willem de Veroveraar kon
kruipen. Je moest opgeven hoeveel soldaten je meenam, hoeveel schepen,
hoeveel voorraden, wanneer je de oversteek maakte e. d. en dan probeerde
het programma te schatten hoe het met jouw invasie af zou lopen. Van alle
keren dat Hilde het programma in werking zag, was er slechts 1 persoon
die met een legermacht aan de slag bij Hastings kon beginnen. Die werd
echter wel verloren. Overigens in de spelregels een korte samenvatting
van de geschiedenis van deze periode.
Tot slot moet ik, behalve te vermelden, dat het bord wat kwetsbaar is,
nog even wat kwijt over de leaders, die van tijd tot tijd opstaan en een
volk kunnen inspireren. King Arthur en Canute heb ik al genoemd, maar
wat te denken van Ethelred the Unready, Edward the Confessor, Harald the
Ruthles... Eigenlijk merkwaardig dat William the Conquerer nog een kans
maakte tegen helden met zulke mooie namen.
Cycloop
|
|